Geldklopperij voor de natuur

De volgende ochtend gaan we het eiland verkennen. Er is maar 1 weg op het eiland, dus de weg vinden is niet zo moeilijk. Al snel komen we bij het tolhuisje. Om het eiland verder te bezoeken moet je namelijk tol betalen. Voor auto’ s en campers is dat 30 euro. Daar onderhouden ze in ieder geval niet de weg van, want die is erg slecht. We hobbelen naar een parkeerterreintje bij de hoogste duin van het eiland, 53 meter. We passen nog net op de parkeerplaats en willen vrolijk de paden op, maar we moeten eerst betalen. Betalen? We hebben toch al betaald voor het Nationaal Park? Het meisje bij de poort is het met ons eens dat dit geldklopperij is, maar ja zij moet ons 5 euro per persoon vragen. Gelukkig mag Pieter (gratis) mee. Het is wel een mooie wandeling. Lekker zacht zand. Onderweg staat een kunstwerk van houten kruizen ter herinnering aan een aantal dorpen dat onder het zand van deze wandelende duin verdwenen is. Boven hebben we een mooi uitzicht over het eiland en de zee.

Het dorpje Nida ligt vlak voor de Russische grens en is de drukste plaats met de meeste voorzieningen, o.a. De enige supermarkt op het eiland. Als wij er komen is er geen enkele parkeerplaats meer vrij. Bovendien is het zo’n kermis in het dorp dat we het liever overslaan. We gaan terug naar het dorpje Juodkrante, waar we al eerder even gestopt hadden. Er is een mooi gratis parkeerterrein waar we volgens het meisje op het terras rustig mogen overnachten. Daar ontmoeten we ook @follow_the_white_landy weer, een jong Duits stel dat al een paar jaar op reis is in een witte landrover en die we volgen op Insta. Leuk om elkaar in het echt te zien.

De volgende morgen kijkt Netty de wedstrijd Nederland-Vietnam met een gebakje en maakt Anne wat schetsjes in de haven. Daarna naar het plaatselijke museum met een hele mooie tentoonstelling van schilderijen van Kostas Dereskevicius. Hij maakte veel schetsen en schilderijen van vrouwen onderweg naar het strand. De conservator vertelde enthousiast over de tentoonstelling, leidde ons persoonlijk rond en gaf ons nog een prachtig boek om in te bladeren omdat het museum nogal klein is. Voor we het eiland verlaten koopt Netty nog twee paar hele mooie barnstenen oorbellen in het dorp.